Publicaties

Forum Navigation
Please to create posts and topics.

Johannes staat ver van zichzelf

Johannes is 10 jaar en zit in groep 7. Ik ken hem van de plusgroep waar we werken aan leren leren, leren leven en werken aan sociale en emotionele vaardigheden. Johannes geniet erg van de opdrachten die we doen. Hij weet veel en vindt kennis  vergaren erg fijn om te doen. Maar vandaag krijgen de leerlingen een anderssoortige opdracht, namelijk: teken jezelf als boom. Ik zie Johannes schrikken. ‘Oei, wat wil juf nu van mij?’, lees ik van zijn gezicht. Ik leg uit: denk na over hoe je bent. Heeft jouw boom een ruwe stam of juist een gladde? Zitten er stekels aan? Heeft jouw boom zachte blaadjes of misschien bloemen? Is het een dikke, stevige boom? Of juist een dunne die makkelijk heen en weer kan bewegen op de wind? Dit zegt allemaal iets over hoe jij bent en wat bij je past.

Johannes tekent zijn eerste boom. Een stereotypische boom, een bruine stam met een groene wolk erboven die de kruin voorstelt. Ik zie het en spreek Johannes aan. Waarom is zijn stam egaal bruin? Wat zegt de groene wolk over hem? Johannes haalt zijn schouders op, dat weet hij niet, hij heeft maar gewoon een boom getekend. Ik vraag Johannes wat hij leuk vindt om te doen. ‘Voetbal’, daar houdt hij van. ‘Oké, ben je dan sportief?’ vraag ik. ‘Of ben je juist competitief, dat je altijd wil winnen?’ vraag ik. Johannes denkt na, hij is zeker sportief, winnen hoeft hij niet persé. Hij houdt van het bewegen in de sport. Nu moet hij nadenken hoe hij dat in de boom gaat tekenen. Ik laat Johannes even alleen verder gaan. Te snel, blijkt, want als ik even later kijk, zit er een tak aan zijn boom met een voetbal erop. De opdracht is nog niet helemaal over gekomen, constateer ik.

Ik spreek weer met Johannes. Hoe staan de takken van een beweeglijke boom? Hoe zouden zijn bladeren zijn? Groot en dik? Nu begint het Johannes te dagen. Hij doet nog een poging en ik prijs hem omdat hij zijn best heeft gedaan en dit heeft durven tekenen. Johannes heeft nog nooit op deze manier over zichzelf nagedacht.

Veel hoogbegaafden zitten erg in hun hoofd. Hun cognitieve brein is heel sterk en heel snel. Ze kunnen heel snel denken. Zo snel dat het hun gevoel kan wegredeneren. Gevoelens kunnen genegeerd worden omdat het cognitieve brein eroverheen walst met rationele gedachten. ‘Dit is misschien niet zo leuk, maar ach, er zitten ook leuke kanten aan. Dus moet ik het wel leuk vinden. Dat is ook wat van mij wordt verwacht. En dus is het toch wel goed.’ Als je dit vaak doet, raak je na een tijdje vervreemd van jezelf en weet je niet meer wat je nu eigenlijk echt voelt bij gebeurtenissen. De oefening met de boom was bedoeld om stil te staan bij wie je bent, om dichter bij jezelf te komen. En daar heeft Johannes veel van geleerd.